Doorleeszin

Van een goede openingszin krijg je zin om door te lezen. Als je schrijft, vraagt de openingszin dus extra aandacht, om wat voor tekst het ook gaat. De eerste indruk is bepalend voor de lust om verder te lezen. Toch?

Als ik ergens goede openingszinnen verwacht, is het in literaire werken. Daarom heb ik een aantal van mijn favoriete romans uit de kast gehaald en de proef op de som genomen. Maar wat een teleurstelling! De ene openingszin na de andere viel mij tegen. Blijkbaar gaan mooie openingszinnen en goede romans niet altijd samen.

De volgende openingszinnen vind ik wel geweldig:

– Mijn naam is Brodeck en ik heb er niets mee te maken. Philippe Claudel – Het verslag van Brodeck

– Welke naam zal ik hem eigenlijk geven, opdat zijn vrouw het nooit zal weten? Benoîte Groult – Zout op mijn huid

– Wat dacht je van een waterketel? Jonathan Safran Foer – Extreem luid & ongelooflijk dichtbij

En waarom vind ik deze openingszinnen zo geweldig? Wat ze gemeenschappelijk hebben, is dat ze nieuwsgierig maken. Maar misschien zegt dat vooral iets over mijn nieuwsgierige aard. Vandaar mijn vraag: van welke openingszinnen krijg jíj doorleeszin, en waarom? Het hoeven natuurlijk niet per se openingszinnen uit romans te zijn, het kan ook om song-, web- of andere teksten gaan. Ik ben nieuwsgierig, verras me!